9. Mijn eerste bergen…

Het is zomer 2019. We gaan op vakantie. Opnieuw naar ons geliefde Zuid-Frankrijk. De vraag waar ik al enkele weken mee worstel: Zal ik mijn fiets meenemen? Ik heb nog nooit in de bergen gefietst. En therapeut Jelle zegt me: “Houd er rekening mee, dat dit heel wat anders is dan hier op het ‘vlakke’ fietsen.” Bedoelt hij dat het niet slim is? Moet ik nog meer op het ‘vlakke’ oefenen voordat de bergen tot de mogelijkheden behoren? Sta ik er zo slecht voor?

Na dagen dubben, besluit ik toch de fiets mee te nemen. Achterop de auto. Zit hij stevig genoeg vast? Dat is wat ik me telkens weer afvraag als we inmiddels onderweg zijn naar onze vakantie-bestemming. Regelmatig stoppen we dan ook even om dat te controleren. Ik vind het maar eng. Dadelijk ligt hij in 1000 stukjes op de snelweg. Elke keer kan ik het klemmechanisme wat verder aandraaien…. zat dus nog niet helemaal goed…. Ik lijk wel een controlefreak. Maar zekerheid voor alles.

“Zit hij goed vast? Weet je het zeker? Zullen we even stoppen?”

Uiteindelijk zijn we aangekomen op de camping. Caravan geïnstalleerd en de fiets met drager aan de caravan vastgezet, met slot. De komende dagen kan ik het gaan uitproberen. Met een sluiks oog heb ik onderweg hier en daar al de omgeving verkend. Je kijkt als fietser (in wording) toch net weer anders naar klimmetjes dan een automobilist. “Zo, dat is steil!” “Dat mensen hier kunnen fietsen!” Enkele dagen later, het is wat afgekoeld – van 40 naar 30 graden (ik zeg, ideale temperatuur) – is het dan zover.

De eerste test
Om de camping af te komen word ik geconfronteerd met de eerste uitdaging. En die gaat steil omhoog. Zo ik al een beetje omhoog kan fietsen in de omgeving thuis (het viaduct), is dit van een geheel andere categorie. In wielertermen: “Buitencategorie”.

Dit weggetje (van bovenaf gezien) moet ik dus op. Na meting (met de smartphone) heeft dit een stijgingspercentage van 12%.

Ik besluit dit stuk(je) op te fietsen. Komt er niets aan van bovenaf, wat me zomaar, letterlijk, van mijn fiets af kan rijden (ik zit nog steeds onzeker op het zadel)? Nee? Op de pedalen. Jezus wat is dit zwaar. Kom op! Denk aan je doel! Halverwege overweeg ik af te stappen. Dit is niet normaal. Nee, niet doen! Ik kom boven. Mijn bovenbenen branden. Mijn spieren voelen als hardhout. Maar ik ben er! Yes!
Na een korte pauze (hijg, puf) fiets ik nog een stukje richting het dorp. Enige euforie wordt mijn deel. Mijn eerste klim(metje)! Mijn benen vragen om rust. Niet teveel forceren. Even later keer ik de fiets, om weer terug te gaan. Mijn oog valt dan op een volgende uitdaging…..

Rechtsaf naar boven. Het is hier na meting 15%.
Deze foto laat (Google) zien hoe de weg eruit ziet voordat je begint……..

Ik besluit het te proberen. Het is niet lang, maar ziet er behoorlijk pittig uit. Ik schakel naar het kleinste verzet. Uiteindelijk (zo’n 50 meter verder) kom ik boven. Compleet uitgeput. Hijgend. Zwart voor de ogen. Trots.
Maar in de toekomst gaat het uiteindelijk wel over kilometers en niet om meters…. dat wordt nog wat….
Echter, het begin is gemaakt. Ik weet nu hoe het “voelt”. Ik weet nu wat ik nog moet doen om volgend jaar “klaar” te zijn voor het echte werk. En hoewel de Mont Ventoux en de Alpe d’Huez niet dit stijgingspercentage hebben, wordt het nog een hele opgave. Enfin, mindset bepaald. Dat telt.

Nog meer uitproberen
De dagen daarop, ik ben helemaal happy met wat ik al heb bereikt, gaan we het verderop proberen. Het begint met opnieuw de camping af, omhoog dus. Ha, makkie. Nou ja…
Cynthia gaat mee om wat te filmen en fotograferen. Ze gaat te voet, want: “Ik kan jou makkelijk volgen….” Waarschijnlijk bedoelt ze dit goed….

Na al verschillende stukken te hebben geprobeerd (ik fiets telkens van bocht naar bocht – meer zit er gewoon niet in), komen we op een gedeelte dat leuk lijkt om op de film te zetten. Cynthia loopt vast naar boven om van daaruit de ‘shot’ te maken. Ik wacht tot ze gereed is (feitelijk sta ik gewoon uit te hijgen van het vorige stuk – komt dus goed uit).
Ik zie een meisje/vrouw naar beneden komen. Ze heeft twee honden aan de lijn. We begroeten elkaar: “Bonjour.” Ze kijkt me even aan en beseft dat ik met mijn fiets naar boven wil. Als ze me aanstalte ziet maken om op de pedalen te gaan, zegt ze: “Bon courage” (wat zoveel betekent als “Succes”, “Sterkte” of “Ga ervoor!” – Ik zie een glimp van ongeloof en gelijktijdig een vorm van medelijden in haar ogen. Ze kent het hier…..

De hele scène duurt een kleine minuut. Omwille van de handelbaarheid heb ik hier en daar wat geknipt. Op het einde van de film lijkt het alsof ik in de remmen knijp. Niets is minder waar. Op het moment dat je geen druk meer op de pedalen uitoefent, sta je abrupt stil. Oh ja, en het waait stevig.

Het laatste gedeelte doe ik te voet. Kan het niet meer opbrengen te fietsen. Bovenaan gekomen ga ik op een muurtje zitten. Ik krijg de neiging om over te geven. Het typische symptoom van een ongetraind lijf dat boven zijn kunnen presteert. Ik wacht tot ik hersteld ben. Probeer wat van de mooie omgeving in me op te nemen. Stap weer op. En kijk tussen hoop en vrees naar de volgende bocht en het vervolg daarvan….

Ik zet weer aan. Wachtend op het moment dat mijn hartslag, ademhaling en benen zeggen dat het genoeg is. Hieronder enkele screenshots van dat gedeelte. Je kunt zien hoe stevig het oploopt.

Uiteindelijk raak ik al ploeterend uit beeld. Ik ben wel boven gekomen. Wat je nu niet ziet is dat ik uitgeput in de berm lig. Die getuigenis zie je hieronder. Ik ben superzuinig op mijn fiets. Wil niet dat er ook maar een enkel krasje op komt. De uitputting (ademnood) dwingt mij echter mijn fiets zo maar neer te leggen.

Fiets down. Op = op.

Ik kan je echter niet zeggen hoe blij ik me op dat moment voelde. Dat was een enorme overwinning op mezelf. De trots was groter en sterker dan de spierpijn die de dag erop volgde. Dat maakt dan echt niet meer uit.

De volgende dag
De volgende dag (ja, die dag met spierpijn) besluit ik ’s avonds nog even een stuk te fietsen. Eigenwijs als ik ben. Immers, (coach) Jelle zegt me altijd een dag rust te nemen na een zware inspanning. Maar ja, nu ik hier toch ben…
Op de Google-plattegrond zie ik een weggetje achter de camping. Het is zo’n 4 kilometer verder dat er een andere camping is, en het ziet er vlak uit. Lets go!

Google blijkt niet 3D te zijn. Ik heb me zwaar vergist. De heenweg gaat bijzonder goed. Soms wat omhoog, veelal naar beneden. Het naar beneden gaan is relatief eenvoudig. Je beseft je echter niet hoe steil het kan zijn als je terug moet. En dat moet.
Onderweg maak ik nog wat foto’s van de omgeving. Je zou hier voor je plezier al gaan fietsen of wandelen.

Ik draai mijn fiets. Ik ga terug. Nu pas kom ik erachter hoe steil de afdaling was. Die heet nu “klim”. Ik zet aan. Potdrie(euro 10 cent muntjes – was vroeger ‘dubbeltjes’) wat is dit steil. Kom op man, je hebt al meer gepresteerd. Nog zo’n 10 meter te gaan zeggen mijn benen (wat ik ook probeer) dat het genoeg is. Ophouden!
Dan komt het meest lastige van allemaal. Na een noodzakelijke pauze moet ik weer opstappen. Het is echter zo steil dat je de tijd niet krijgt om op de pedalen te gaan. Je kunt je niet afzetten. Ik probeer het enkele keren. Vanuit een balkon, aan het einde van de klim, staat iemand me gade te slaan. Ik schaam me een beetje. Doe even niks (behalve hijgen, zou hij weggaan?). Wat nu?
Ah, ik weet het. Naast mij staat een muur opgebouwd en oerstenen. Als ik me daar nu eens tegen afzet? De muur is begroeid. Ik zet mijn pedaal goed aan de kant waar ik kracht kan zetten. Ik moet hem een “roei” geven en me gelijktijdig met mijn hand afzetten tegen de oermuur. Ja, ik heb het helemaal uitgedacht. Wie niet sterk is…. Ik zet mijn voet op het pedaal, de andere moet zo snel mogelijk bijgezet worden om ‘snelheid’ te maken zodat ik niet omval. Het afzetten tegen de muur is mijn redding. Dat doe ik dus in bovenstaande volgorde – compleet geconcentreerd, helemaal uitgedacht….
Auwww! De muur is inderdaad begroeid…. ja, met een bramenstruik. En die hebben doornen. Maar ik ben in gang. Trappen. Ik kan mijn stuur niet goed vasthouden – immers, de doornen zitten in mijn handpalm. Toch kom ik boven. Mijn rechterhand bloedt behoorlijk (bloedverdunners). Ik trek de doornen eruit. Heb gelukkig een zakdoekje bij en verbind mijn hand. Jammer, mijn stuurlint heeft bloedvlekken.
En ik was zo zuinig…….

Happy de Peppy!

Een volgende keer mijn kennismaking (confrontatie) met de Mont Ventoux….

23 reacties

  1. Monique Box op 12 september 2019 om 19:06

    Knap Ron !

    • Albert vd kerkhof op 13 september 2019 om 17:06

      Knap gedaan hoor Ron. Ik fiets al zeker 50 jaar en na een flinke training in de heuvels of bergen gaat dit lukken. Maar , advies, bouw het heel rustig op. Groetjes Albert van d Kerkhof. Son.

      • ron op 24 september 2019 om 08:53

        Dank je Albert! Dat rustig opbouwen is ook eigenlijk het enige dat lukt. Forceren heeft een tegengestelde werking.

  2. Chris op 12 september 2019 om 19:09

    Leuk ron , doe je best

  3. Rob Duurland op 12 september 2019 om 19:21

    Mooi beschreven Ron

  4. Yvonne van Bakel op 12 september 2019 om 19:26

    Wow Ron,
    Diepe buiging voor jouw doorzettingsvermogen! Google mag dan niet 3D zijn, jouw mentaliteit is dat beslist wèl!
    Chapeau de nouveau!!!

    • ron op 24 september 2019 om 18:34

      Hoi Yvonne. Ga je mee? 😉

  5. Astrid Joosten op 12 september 2019 om 19:50

    Supertrots op jou , ik kan niet eens meer blijven zitten op een fiets .

  6. Els van der Burgt op 12 september 2019 om 21:22

    Bikkel

  7. Paula op 13 september 2019 om 06:20

    Hi Ron mooi geschreven Wat een prestatie heel veel succes Trots op jou 😘

    • ron op 24 september 2019 om 18:32

      Dank je Paula😘

  8. Je broer op 13 september 2019 om 08:41

    En alweer supertrots op je Bro…..

  9. Gerry Nijenkamp op 13 september 2019 om 08:44

    Ron, wat ben je toch een doorzetter, kap hoor!! Petje af.

    • ron op 24 september 2019 om 08:54

      Dank je Gerry!

  10. Ambwr op 13 september 2019 om 10:45

    Super papa!

  11. Robbie op 13 september 2019 om 17:12

    Chapeau, Ronnie, zo gaat ie goed, zo gaat ie beter alweer een kilometer, goed bezig.

    • ron op 24 september 2019 om 18:34

      Dank je Robbie!🚵‍♂️

  12. Joyce Eijndhoven op 13 september 2019 om 19:47

    Supertrots op jou Ron, en wat ben je ook een goede schrijver. Jou doel zal je zeker behalen met jouw sterke wil.

  13. Floor op 14 september 2019 om 09:00

    Supergoed bezig Ron!
    xx

    • ron op 24 september 2019 om 18:35

      xx😘

  14. Rob Vrolijk op 17 september 2019 om 06:57

    Ron, je bent een held. Mooi en met heel veel humor geschreven. Bijzonder plezierig om te lezen. Keep on going! Weet zeker dat je het gaat redden volgend jaar!

    • ron op 24 september 2019 om 18:35

      Dank Rob!

  15. ron op 24 september 2019 om 18:32

    Dank je Paula😘

Laat een reactie achter